Als begeleider/hulpverlener/maatschappelijk werker zie ik veel fouten en dingen die niet kloppen in de zorg. Booksmart helpt streetsmart, hoogbegaafden worden niet erkend, mensen met autisme wonen bij mensen met ADHD. Er gaat veel fout.Wat kunnen we doen?
Innovatie in de zorg: wat is nodig als het systeem mensen niet goed ziet?
Innovatie in de zorg wordt vaak geassocieerd met technologie: AI, e-health, robots en digitale dossiers. Maar echte innovatie begint bij iets fundamentelers: mensen goed zien, begrijpen en passend ondersteunen. Op dit punt gaat het in de praktijk nog regelmatig mis. Denk aan hoogbegaafde cliënten die niet herkend worden in de ggz, of mensen met autisme die in woongroepen samenleven met cliënten met ADHD zonder voldoende differentiatie in begeleiding. Dit zijn geen incidenten, maar signalen dat het systeem soms te generiek en te weinig afgestemd is.
Als we spreken over innovatie in de zorg, moeten we dus niet alleen kijken naar technische vooruitgang, maar vooral naar inhoudelijke en organisatorische vernieuwing: betere diagnostiek, gespecialiseerde kennis, maatwerk in begeleiding en passende plaatsing.
Fouten in de zorg: waar gaat het mis?
1. Hoogbegaafdheid wordt onvoldoende herkend
Hoogbegaafdheid is geen officiële stoornis, maar een cognitief profiel dat invloed heeft op hoe iemand denkt, voelt en leert. In de ggz wordt hoogbegaafdheid echter vaak:
- Niet herkend tijdens intake of diagnostiek en dus niet in de krachten gezet. Stukje mensenkennis ontbreekt vaak naast de IQ testen. Het komt namelijk niet altijd uit een gewone iq test.
- Verward met ADHD, autisme of persoonlijkheidsproblematiek
- Gebagatelliseerd (“u functioneert toch goed?”)
- Niet meegenomen in behandelplan of communicatie
Hoogbegaafde mensen kunnen intens denken, sterk analyseren en gevoelig zijn voor onrecht of incongruentie. Dat kan leiden tot existentiële depressie, burn-out of sociale isolatie. Wanneer een behandelaar onvoldoende kennis heeft van hoogbegaafdheid of hier helemaal niet mee bekend is in de GGZ, ontstaat er mismatch:
- Therapie voelt te oppervlakkig
- Psycho-educatie sluit niet aan
- Cliënten voelen zich niet begrepen
- Er ontstaat wantrouwen of uitval
Soms wordt medicatie ingezet voor klachten (bijvoorbeeld concentratieproblemen of somberheid) zonder dat gekeken wordt naar onderliggende cognitieve overprikkeling of zingevingsproblematiek. Dat vergroot het gevoel van “niet gezien worden”.
Dit is geen kwestie van slechte wil, maar van een systeem dat onvoldoende gespecialiseerd is.
2. Onvoldoende gespecialiseerde psychologen
In veel regio’s is er een tekort aan psychologen met specifieke expertise in:
- Hoogbegaafdheid bij volwassenen
- Dubbele diagnoses (bijvoorbeeld hoogbegaafdheid én autisme)
- Autisme bij vrouwen
- Complexe neurodiversiteit
De ggz is vaak ingericht op standaardprotocollen. Dat werkt goed bij duidelijk afgebakende stoornissen, maar minder bij mensen die buiten het gemiddelde profiel vallen. Innovatie in de zorg betekent hier: afstappen van one-size-fits-all en investeren in gespecialiseerde kennis.
3. Onlogische of onpassende plaatsing in woongroepen
Een ander voorbeeld van systeemfouten is de manier waarop mensen worden geplaatst in woonvoorzieningen. Wanneer mensen met autisme en mensen met ADHD samen in een woongroep worden geplaatst zonder duidelijke afstemming, kunnen spanningen ontstaan.
Waarom?
- Mensen met autisme hebben vaak behoefte aan rust, voorspelbaarheid en structuur.
- Mensen met ADHD hebben vaker behoefte aan beweging, prikkels en variatie.
Als begeleiding niet is toegerust om met deze verschillen om te gaan, ontstaat overprikkeling, frustratie en escalatie. De oorzaak ligt dan niet bij de cliënten, maar bij een systeem dat onvoldoende differentieert.
Plaatsing wordt soms bepaald door beschikbare bedden in plaats van inhoudelijke match. Dat is begrijpelijk bij capaciteitsproblemen, maar het leidt tot suboptimale zorg.
Wat is er nodig voor echte innovatie in de zorg?
Innovatie betekent hier: fundamenteel anders kijken en organiseren.
1. Persoonsgerichte diagnostiek
In plaats van snel labelen op basis van standaardvragenlijsten, is er behoefte aan:
- Brede intake waarin cognitief profiel wordt meegenomen
- Screening op hoogbegaafdheid bij bepaalde signalen
- Meer aandacht voor context en levensverhaal
- Tijd voor verdieping in plaats van snelle classificatie
Dit vraagt om ruimte in tijd én financiering.
2. Specialisatie binnen de ggz
Niet iedere psycholoog hoeft expert te zijn in alles. Maar regionale expertisecentra voor:
- Hoogbegaafdheid
- Neurodiversiteit
- Complexe ontwikkelingsprofielen
kunnen zorgen voor gerichte behandeling, consultatie en scholing van andere zorgverleners.
Innovatie in de zorg betekent hier: kennis bundelen in plaats van versnipperen.
3. Differentiatie in woonvormen
Woongroepen moeten niet alleen praktisch, maar inhoudelijk worden ingericht. Dat betekent:
- Kleine groepen met duidelijke begeleidingsvisie
- Afstemming op prikkelgevoeligheid
- Duidelijke structuur en individuele begeleidingsplannen
- Zorgvuldige matching bij plaatsing
Een systeem dat vooral kijkt naar beschikbare plekken in plaats van passende plekken, creëert onrust en soms zelfs extra zorgkosten door escalaties.
4. Erkenning van neurodiversiteit (ook de werkvloer)
Een belangrijke innovatie is het omarmen van het neurodiversiteitsdenken: verschillen in breinwerking zijn geen defecten, maar variaties. Dat betekent niet dat er geen ondersteuning nodig is, maar wel dat ondersteuning moet aansluiten bij het unieke profiel.
Bijvoorbeeld:
- Therapie op hoger abstractieniveau bij hoogbegaafden
- Meer visuele ondersteuning bij autisme
- Flexibele structuur bij ADHD
Het gaat om afstemming, niet om standaardisering.
5. Minder symptoombestrijding, meer onderliggende analyse
In de huidige zorgpraktijk wordt soms snel gekeken naar symptoomreductie. Bijvoorbeeld:
- Concentratieproblemen → ADHD-medicatie
- Somberheid → antidepressiva
Maar als onderliggende factoren zoals existentiële leegte, chronische overvraging of mismatch in omgeving niet worden aangepakt, blijft het probleem terugkomen.
Innovatie in de zorg betekent: systemisch denken in plaats van alleen symptoomgericht werken.
Waar wordt al aan gewerkt?
Er zijn positieve ontwikkelingen:
- Steeds meer aandacht voor hoogbegaafdheid bij volwassenen
- Scholingstrajecten rond neurodiversiteit
- Kleinschalige wooninitiatieven met specifieke doelgroepfocus
- Online communities en gespecialiseerde behandelpraktijken
- Meer onderzoek naar dubbele diagnoses
Toch is dit nog versnipperd. Structurele inbedding in beleid en financiering blijft achter.
De kern: mensen écht zien
En dat vereist mensenkennis en menseninzicht.
Uiteindelijk draait innovatie in de zorg niet alleen om technologie, maar om erkenning. Veel klachten en frustraties ontstaan wanneer mensen het gevoel hebben dat zij niet passen in het systeem.
Hoogbegaafde mensen die niet worden herkend.
Autistische mensen die overprikkeld raken in ongeschikte woonvormen.
Cliënten die medicatie krijgen zonder dat hun profiel volledig is onderzocht.
Dat zijn signalen dat het systeem nog te veel uitgaat van gemiddelden.
Echte innovatie betekent:
- Meer maatwerk
- Meer expertise
- Betere matching
- Minder protocoldwang
- Meer ruimte voor complexiteit
Zorg die niet alleen efficiënt is, maar ook passend.
